penningmeester: verschil tussen versies

Uit Etymologiewiki
Ga naar: navigatie, zoeken
(Nieuwe pagina aangemaakt met 'Samenstelling van [http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/penning ''penning'' 'zekere munt'], in de algemenere betekenis van geld, en ''meester'' 'gezaghebber', dus de...')
 
k
 
(2 tussenliggende versies door 2 gebruikers niet weergegeven)
Regel 1: Regel 1:
Samenstelling van [http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/penning ''penning'' 'zekere munt'], in de algemenere betekenis van geld, en ''meester'' 'gezaghebber', dus de persoon die het gezag heeft over het geld. Oudste gevonden vermeldingen zijn uit de 16e-17e eeuw, in welke tijd de term in gebruik was voor de verantwoordelijke van de financiën van een waterschap: "Jacob Campe, penningmeester van de Oostwatering en der buitendijksche werken van de Vijfambachten benoorden der Vere" (1580, [http://www.archieven.nl/nl/zoeken?miview=inv2&mivast=0&mizig=210&miadt=239&miaet=1&micode=3000&minr=2639887&milang=nl]), "Want waar souwen de Waarden, Pachters, Penningmeesters tgelt haalen, // Daar de Staten der Steden me versien, en de Soldaten me betaalen?" (Bredero 1615, [http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/bredero/moortje3.html]), "
+
Samenstelling van [http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/penning ''penning''], 'zekere munt', ook meer algemeen gebruikt voor 'muntgeld' of 'geld', en ''meester'' 'gezaghebber, beheerder', dus de persoon die het geld beheert.
Corn. Mich. Soetens, bedienende het penningmeesterampt van Delfland" (1664 [http://dbnl.org/tekst/huyg001jawo15_01/huyg001jawo15_01_0003.php]). De moderne betekenis als geldbeheerder van een vereniging of dergelijke kan worden gezien bij de 'Maetschappye der Nederlandsche Letterkunde' in 1766-1767.
+
 
 +
Oorspronkelijk gebruikt voor de beheerder van de financiën van een waterschap, in die betekenis kennelijk al sinds de 16e eeuw in gebruik: "Jacob Campe, penningmeester van de Oostwatering en der buitendijksche werken van de Vijfambachten benoorden der Vere" (1580, [http://www.archieven.nl/nl/zoeken?miview=inv2&mivast=0&mizig=210&miadt=239&miaet=1&micode=3000&minr=2639887&milang=nl]), "Want waar souwen de Waarden, Pachters, Penningmeesters tgelt haalen, // Daar de Staten der Steden me versien, en de Soldaten me betaalen?" (Bredero 1615, [http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/bredero/moortje3.html]), "Corn. Mich. Soetens, bedienende het penningmeesterampt van Delfland" (1664 [http://dbnl.org/tekst/huyg001jawo15_01/huyg001jawo15_01_0003.php]).
 +
 
 +
De moderne betekenis als geldbeheerder van een vereniging of dergelijke kan worden gezien bij de 'Maetschappye der Nederlandsche Letterkunde' in 1766-1767.[http://www.dbnl.org/tekst/_jaa001176701_01/_jaa001176701_01_0001.php]
 +
 
 +
-- AE

Huidige versie van 5 jan 2014 om 13:01

Samenstelling van penning, 'zekere munt', ook meer algemeen gebruikt voor 'muntgeld' of 'geld', en meester 'gezaghebber, beheerder', dus de persoon die het geld beheert.

Oorspronkelijk gebruikt voor de beheerder van de financiën van een waterschap, in die betekenis kennelijk al sinds de 16e eeuw in gebruik: "Jacob Campe, penningmeester van de Oostwatering en der buitendijksche werken van de Vijfambachten benoorden der Vere" (1580, [1]), "Want waar souwen de Waarden, Pachters, Penningmeesters tgelt haalen, // Daar de Staten der Steden me versien, en de Soldaten me betaalen?" (Bredero 1615, [2]), "Corn. Mich. Soetens, bedienende het penningmeesterampt van Delfland" (1664 [3]).

De moderne betekenis als geldbeheerder van een vereniging of dergelijke kan worden gezien bij de 'Maetschappye der Nederlandsche Letterkunde' in 1766-1767.[4]

-- AE