openbaring
Uit openbaren, dat zelf weer uit openbaar is gevormd. Zie verder aldaar voor de etymologie.
Voor openbaar en openbaren vind ik het landrecht van Thorn (1080) als oudste bron: "die doett binnen den ersten dryen navolgende dagen niett en openbaertt ende bekent", voor openbaring de Delftse Bijbel (1477): "V ouden sullen godlike openbaringhe hebben in horen slaep: ende v ionghen sullen sien visionen."
-- AE