pierewiet

Uit Etymologiewiki
Ga naar: navigatie, zoeken

De term is ca. 1870 in Batavia ontstaan, waar een groep van feesten en dansen houdende jongemannen zich de "Pierewiet Club" noemde.

In De Locomotief van 31-03-1870 [1] (zie ook Leidsch Dagblad in juli 1870) wordt de naam afgeleid van pirouette:

Onze jeunesse dorée, die reeds vroeger werd afgeschilderd als zich tot hoogste levensdoel een volkomen meesterschap in de edele danskunst te hebben gesteld, handhaaft dien roem met eere. Eene soirée muslcale beslaande uit strijkinstrumenten, dezer dagen in den Planten- en dierentuin gegeven, liep niet ten einde, zonder dat aan hunne danswoede was bot gevierd. Ja, wat meer zegt, er heeft zich thans een club onder hen ge vormd, welke zich "pleizier maken" in het algemeen ten doet stelt, schoon alweder dansen de hoofdzaak is. Niets evenaart hunne danswoede, of het moest zijn hunne ongekende mate van geestigheid. Pirouetter, Pirouette, Pierewiet, zie daar de afleiding voor den naam Pierewiet-club. Een stok met gouden knop is het onderscheidingsteeken, waaraan men de leden van het ge zelschap erkent. Even onafscheidelijk als de Oosterling zijn talisman met zich omdraagt, vergezelt deze Pierewietstok (sic) onze jeunesse dorée. Op hunne wandelingen en in de opera, op concerten en recepties, overal vertoonen zij zich met hun modern insigne, waaraan zij een tooverkracht toeschrijven, niet ongelijk aan die van het bekende reukfleschje van Bettemie, dat Van Lennep ons in zijn Klaasje Zevenster deed kennen. Geen twijfel dus meer, of Batavia kan op eene jeunesse dorée wijzen.

De Java-Bode van 10-06-1870 [2] geeft een andere verklaring: "de pierewiet-club ontleent haren naam hieraan, dat haren leden zeer manies en in het geheel geen pierewaaijers zijn"

In 1873 stelt het Bataviaasch handelsblad [3] over de term 'pierewieters': "Dit woord zult ge vruchteloos in het woordenboek van De Vries en Winkel zoeken. Het is de karakteristieke benaming voor enkele Batiavaasche lions, die zich gekonstitueerd hebben tot een lichaam, welke de wereld en naar men wil ook zij zelven "pierewietclub" heet."

De oudste vermelding lijkt een brief van Multatuli aan zijn vrouw uit 1869(?) te zijn [4], waarin hij schrijft: "Dag beste Tine, kus de kleine pierewieten". In zijn brieven uit 1869-1870 benoemt hij op meerdere plaatsen zijn kinderen aldus.

--AE