piekeren

Uit Etymologiewiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Reeds vanaf 1865, maar aanvankelijk enkel in het Indisch Nederlands:

  • De Locomotief 1865: "daar zit ik nu reeds zoo vele dagen over te pikeren, dat ik mij gedrongen voel, mij tot U om licht te wenden"
  • Java-Bode 1869: "Is het bij allen slechts pikeren over de geschiedenis..."
  • De Locomotief 1869: "...zit op Java de reiziger te pikeren, hoe hij het geschiktst van de eene kustplaats naar de andere zal komen"
  • Java-Bode 1870: "langdurig overwegen (piekeren zou men hier zeggen)"
  • De Gids 1875: "Meermalen zal echter het bezigen van Maleische of Javaansche in plaats van Hollandsche woorden slechts louter als een uitvloeisel der gewoonte om dergelijke woorden te gebruiken moeten worden beschouwd; waarom zegt men toch [...] pikeren voor nadenken?"

--AE