gringo

Uit Etymologiewiki
Ga naar: navigatie, zoeken

gringo (1862, Algemeen Handelsblad 28-10-1862) 'vreemdeling (i.h.b. Amerikaan) in Latijns-Amerika'. Vermoedelijk een vervorming van Spaans griego 'Grieks'. Van onverstaanbare taal werd gezegd habla el griego ('hij spreekt Grieks'), waardoor de term algemeen 'vreemdeling' kon gaan betekenen.

--AE